Acht vragen en antwoorden over lekkages bij zoutwinning in Hengelo

AkzoNobel heeft te maken met de gevolgen van lekkages bij zoutwinning rond Hengelo. 

Wat waren de oorzaken van de lekkages?

Helaas hebben zich de afgelopen jaren een aantal lekkages voorgedaan in de omgeving van onze zoutfabriek in Hengelo. Er zijn twee soorten oorzaken: in het (horizontale) buizennetwerk tussen boorterrein en fabriek en in (verticale) boringen zelf. In beide gevallen gaat het om verouderde, inmiddels gesaneerde techniek van buizen en verbindingen uit de jaren ’80.

Het zout in Twente is ruim 200 miljoen jaar geleden afgezet door de verdamping van zeewater. Dit deel van Nederland was tot dan toe binnenzee. In de bodem onder Hengelo en omgeving bevindt zich op circa 450 meter diepte een 50 meter dikke laag steenzout. Genoeg voor vele honderden jaren zoutwinning.

Zoutwinning vindt plaats door diep onder de grond zout op te lossen in water. Dat water komt uit de fabriek en gaat door horizontale pijpleidingen naar een boorgat. Door het verticale boorgat gaat het water omlaag naar de zoutlaag. Daar wordt er zout in opgelost en gaat het met zout verzadigde pekelwater weer omhoog en terug naar de fabriek.

In de zoutlaag ontstaan met pekel gevulde holtes, zogenaamde cavernes. Om te zorgen dat de caverne aan de bovenkant niet steeds groter wordt – en er op termijn een verzakking aan de oppervlakte kan ontstaan – ligt er een laagje olie op de pekel. Zout lost namelijk niet op in olie en daardoor blijft het ‘dak’ van de caverne intact. Na de zoutwinning wordt de olie er weer uitgehaald en blijft een caverne vol met verzadigde pekel over. De caverne wordt voortdurend gecontroleerd op eventuele instortingen en kan zo nodig worden opgevuld. Nieuwere cavernes (vanaf circa 1975) zijn overigens zodanig ontworpen dat het zoutdak voldoende dik blijft om bodemdaling te voorkomen.

Wat zijn de gevolgen van lekke leidingen en boorputten?

Lekkages in de ondiepe ondergrond kunnen schade opleveren voor bomen, planten, oppervlakte- en grondwater en dus voor de landeigenaar die er bijvoorbeeld een boerenbedrijf heeft. Als zo’n lekkage zich voordoet, wordt er onmiddellijk ingegrepen en opgeruimd. De grond wordt afgevoerd en waar nodig worden nieuwe bomen geplant.

In de diepe ondergrond (tot meer dan 400 meter) wordt een analyse gemaakt van de risico’s voor verspreiding naar de oppervlakte of het hoger gelegen grondwater.

De gevolgen van lekke leidingen kunnen lekkages zijn van:

  • slurry, een stroom met kalk, gips en pekel, uit leidingen van fabriek naar boorterrein;
  • pekel uit leidingen van boorterrein naar fabriek;
  • brak water, pekel en/of olie in de bodem onder of rond het boorterrein.

Uiteindelijk bepaalt niet AkzoNobel maar het Rijk, via Staatstoezicht op de Mijnen, wat er moet gebeuren.

Hoeveel lekkende pijpleidingen en lekke oude boringen zijn er tot nu toe geconstateerd en wat heeft AkzoNobel er aan gedaan?

Er zijn er sinds 1994 in totaal 52 lekkages in het horizontale leidingnetwerk geconstateerd. Die zijn allemaal verholpen en de bodem is gesaneerd. Inmiddels is het netwerk drastisch ingekort en vernieuwd om nieuwe lekkages te voorkomen.

Ook zijn 15 oude boringen voor en uit de jaren ’80 na druktesten lek bevonden. Daardoor kan zich langs de boring tot op grote diepte nog olie en pekel in de bodem bevinden. Onder toezicht van de overheid (Staatstoezicht op de Mijnen SodM) en in overleg met betrokken landeigenaren, bestuurders en bedrijven maakt een adviesbureau daarover een risicoanalyse.In een totaalprogramma zijn of worden alle 562 oude en nieuwe boorputten onderzocht. Ruim de helft van alle actieve boringen bleek tot nu toe in orde. In de loop van 2019 zullen alle boringen zijn onderzocht.

Ondoordringbare kleilagen tussen de zoutlaag en de oppervlakte houden mogelijk verspreiding van eventuele lekkage tegen. Het doorbreken van die kleilaag zou het risico op verspreiding juist kunnen vergroten. Uiteindelijk beslist de overheid welke maatregelen er genomen moeten worden.

Wie is verantwoordelijk voor het geval AkzoNobel verkocht is of wordt?

Alle rechten en plichten van AkzoNobel komen in zo’n geval in handen van een nieuwe eigenaar of onderneming. Die houdt dus de volledige verantwoordelijkheid.

Hoe veilig zijn de oude cavernes voor instortingsgevaar?

De ontwikkeling van de cavernes wordt voortdurend gevolgd met zeer gevoelige apparatuur (microseismiek). Als een caverne diep onder de grond begint in te storten, is er nog ruim voldoende tijd om in te grijpen: vullen met bodemeigen materiaal uit andere cavernes.

In 1991 heeft zich aan de oppervlakte een ‘sinkhole’ gevormd door het instorten van een oude caverne. Dat kan al jaren worden voorkomen door de ontwikkeling van cavernes nauwkeurig te volgen en tijdig in te grijpen. Bij nieuwe cavernes (vanaf circa 1975) doet zich dit probleem niet voor: het zoutdak blijft zo dik dat de caverne in stand blijft.

Hoe zit het met de olielekkages en olieopslag?

Dat zijn twee verschillende onderwerpen.

1. Olie wordt gebruikt in een caverne diep onder de grond, in een laagje op het pekelwater om het dak van de caverne tegen instorting te beschermen. Zout lost namelijk niet op in olie. Als de caverne niet meer wordt gebruikt, wordt eerst de olie er weer uit gehaald. Als de leiding tussen caverne en oppervlakte ergens lek is, kan er olie verloren gaan.

2. Olieopslag in lege zoutcavernes vindt plaats door het Rijk. Het gaat om een strategische reserve, voor het geval zich een oliecrisis zou voordoen. Bij die opslag in de omgeving van Hengelo heeft zich nog nooit een lek voorgedaan.

In Duitsland heeft zich wel een lek voorgedaan in een olieopslag. Het ontwerp van de Nederlandse cavernes is met dubbele buizen zodanig uitgevoerd dat incidenten zoals in Duitsland zich hier niet kunnen voordoen. Beveiliging voorziet in het tijdig signaleren mocht zich toch een lekkage voordoen. Olie kan zich dan niet langdurig verspreiden. Bovendien zijn de boringen getest op dichtheid en wordt maandelijks een oliespiegelmeting gedaan.

Wie houdt er toezicht op AkzoNobel?

De toezichthouder is Staatstoezicht op de Mijnen, SodM. Daarnaast is regelmatig overleg met lokale en regionale overheden en een klankbordgroep met onder meer landeigenaren.

Waarom wint AkzoNobel zout in Hengelo? Kan dit niet ergens anders?

De zoutlaag in Twente maakt deel uit van de voormalige Rötzee. In de 19e eeuw liet baron Van Heeckeren van Wassenaer, de laatste heer van Twickel, op zijn terrein naar water boren. Dat water bleek zout. Dat leidde 100 jaar geleden, in 1918, tot de oprichting van Koninklijke Zout, nu onderdeel van AkzoNobel. Ook in Noord Nederland, in Duitsland en in Denemarken wordt zout uit dezelfde laag gewonnen. Er is nog meer dan genoeg zout voor nog vele honderden jaren.

Zout is onmisbaar in voedsel maar een zeker zo belangrijke grondstof voor de fabricage van zeer vele producten die je in het dagelijks leven gebruikt. Dat varieert van schoonmaakmiddelen en kunststoffen tot medicijnen en nierdialyse.

In Hengelo draagt de zoutwinning bij aan het economische succes van de regio, Nederland en Europa door vele rechtstreekse en afgeleide banen.

AkzoNobel zet zich in voor veilige en duurzame ontwikkeling van de zoutwinning in Hengelo, bijvoorbeeld door zo veel mogelijk duurzame energie te gebruiken bij de productie van zout en afgeleide producten.